Onderhoud, herstelling en vervanging zijn zware kostenposten voor vastgoedeigenaars. Deze kosten zijn vaak hoogdringend en onvoorzien. Daarom is het interessant om de technische toestand van een onroerend goed te kennen en te weten wat de kosten zijn die op termijn moeten worden gebudgetteerd. Een professioneel uitgevoerde conditiestaatmeting biedt hier de oplossing. De conditiestaatmeting is nog maar recent ingevoerd in België, maar zal ongetwijfeld op korte termijn veel aan belang winnen. 

NIEUW IN BELGIË 

Als syndicus herstellingen of vernieuwingen aankaarten bij een VME stuit nog al te vaak op vragen als ‘moet dat nu echt?’ of ‘wat gaat ons dat nu weer kosten?’ Met die problematiek in het achterhoofd werd enkele jaren geleden de conditiestaatmeting geïntroduceerd vanuit Nederland. Daar werd deze meting al bijna 20 jaar gebruikt binnen de overheid, de gezondheidszorg, het onderwijs, enz. 

Sinds kort wordt de methodiek in Vlaanderen gestandaardiseerd volgens de norm NEN 2767, een kwalitatieve norm die reeds toegepast wordt bij de Vlaamse Overheid. Dankzij deze norm kan er een persoonsonafhankelijk rapport opgesteld worden van de conditie van een (appartements)gebouw. 

WERKMETHODE 

Belangrijk om te weten is dat de conditiestaatmeting voor appartementsgebouwen puur op de gemeenschappelijke delen slaat, dus de gang, de lift, de parking, etc. Op basis van wat er in het gebouw aanwezig is, zal er een aangepaste conditiestaatmeting gedaan worden. Hierbij wordt er een onderscheid gemaakt tussen gebouw-technische zaken (zoals het dak) en techniek (zoals de waterleiding en verwarming). 

Na de meting wordt een prioriteitenlijst meegegeven op basis van de NEN-scores. Er wordt géén specifiek advies gegeven over welke technieker je moet bellen, of welk bedrijf je moet contacteren voor herstellingen, alles gebeurt volledig objectief. Met dit rapport kan jij als syndicus aan de VME objectief en onderbouwd aantonen waarom er voldoende kapitaal moet voorzien worden voor het onderhoud van het gebouw. Het doel is eigenlijk om onnodige herstellingen te vermijden en de nodige renovaties tijdig in te plannen om ook hier weer latere onnodige kosten te vermijden. 

LEREND NETWERK 

Een grote meerwaarde van een lerend netwerk is natuurlijk dat ervaringsuitwisseling en concrete cases op de eerste plaats komen. De deelnemers formuleren zelf antwoorden op elkaars vragen. Eén of meerdere experten kijken toe, toetsen de voorgestelde oplossingen aan het juiste referentiekader en analyseren hun (juridische) haalbaarheid. 

Enkele vragen die tijdens de sessie aan bod kunnen komen: hoe ga je vandaag om met een conditiestaatmeting van een appartementsgebouw en welke problemen ervaar je daarbij? Welke analyses maak je het best om in te schatten welke kosten op korte en middellange termijn moeten worden gemaakt? Hoe bouw je dat financiële reserve het beste op? En op welke manier kan een onafhankelijk deskundige (ingenieur/studiebureau/architect,…) jou helpen om de AV te overtuigen van de noodzaak van onderhouds- en renovatiewerken?

Meerjarenonderhoudsplanning + conditiestaatmeting: instrument en argument onderhouds- en renovatiewerken me?

Docenten: Jo Franco, Erik Notermans 

Data:

  • Genk: 28 oktober, 10u-13u
  • Brugge: 15 november, 10u-13u
  • Berchem: 9 december, 10u-13u

Meer info en inschrijven